Thailand

 

Thailand is een koninkrijk in Zuidoost-Azië, dat in het oosten wordt begrensd door Laos en Cambodja, in het westen door Myanmar en de Andamanse Zee, in het uiterste zuiden door Maleisië en in het zuidoosten door de Golf van Thailand, een onderdeel van de Zuid-Chinese Zee. Het land heette tot 1949 Siam. De Thaise naam van het land is "Prathet Thai", waarbij Prathet land betekent en het woord Thaivrij betekent. Thailand betekent dus letterlijk "vrij land".
De nationale feestdag is 5 december, de verjaardag van de huidige koning Rama IX Bhumibol Adulyadej. De munteenheid is de baht, onderverdeeld in 100 satang.

vogel

Thailand is een koninkrijk in Zuidoost-Azië, dat in het oosten wordt begrensd door Laos en Cambodja, in het westen door Myanmar en de Andamanse Zee, in het uiterste zuiden door Maleisië en in het zuidoosten door de Golf van Thailand, een onderdeel van de Zuid-Chinese Zee. Het land heette tot 1949 Siam. De Thaise naam van het land is "Prathet Thai", waarbij Prathet land betekent en het woord Thaivrij betekent. Thailand betekent dus letterlijk "vrij land". De nationale feestdag is 5 december, de verjaardag van de huidige koning Rama IX Bhumibol Adulyadej. De munteenheid is de baht, onderverdeeld in 100 satang.

Geschiedenis

De geschiedenis van Thailand begint met de migratie van de Thais vanuit Zuid-China naar het huidige Thailand gedurende het eerste millennium. In dit gebied bestonden eerder beschavingen in de bronstijd en ijzertijd, later gevolgd door Mon, Maleise en Khmer koninkrijken. De Thais vestigden hun eigen koninkrijken, met een heftige eerste bloei in Sukhothai en daarna langduriger het Koninkrijk Ayutthaya.

Deze koninkrijken werden constant bedreigd door Birma en Vietnam, maar ook door rivaliserende Thai en Lao staten. Europese koloniale mogendheden vormden een bedreiging in de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw, maar Thailand wist als enige land in Zuidoost-Azië kolonisatie te voorkomen. Na het einde van de absolute monarchie in 1932 werd Thailand zestig jaar lang vrijwel voortdurend bestuurd door een militaire dictatuur totdat een parlementaire democratie werd gevestigd.

Bevolking

De bevolking is ongelijkmatig over het land verdeeld. De noordelijke hooglanden hebben de laagste bevolkingsdichtheid, terwijl de centrale laaglanden en het zuidelijke deel van het schiereiland dicht tot zeer dichtbevolkt zijn. De Thaise bevolking bestaat voor ongeveer 90% uit Thai. De grootste minderheidsgroep wordt gevormd door de Chinezen, die zich echter vrij sterk met de Thai hebben vermengd. De Chinezen vormen een belangrijk deel van de 'toplaag' in de Thaise samenleving. Zoals elders in Zuidoost-Azië hebben velen zich gespecialiseerd tot handelaren. Ondanks de aanzienlijke assimilatie treden karakterverschillen tussen de Thai en de Chinezen soms aan het licht.

De Thai trokken sinds de 10e eeuw groepsgewijs vanuit Zuid-China het huidige Thailand binnen. In Thailand vermengden de Thai zich met de Khmers, de Mons en andere volkeren, in de 13e eeuw werden ze er de dominante bevolkingsgroep en ontstonden er Thai-rijken.

Een typische Thai heeft zwart sluik haar en een lichtbruine huid. Het is een ongeschreven wet onder de Thai dat men zich innemend gedraagt en hoffelijk overkomt. Zowel economisch als cultureel blijkt het Thaise volk een groot aanpassingsvermogen te hebben, snel te kunnen overschakelen naar nieuwe situaties, en gemakkelijk elementen uit andere culturen te kunnen overnemen. In de noordelijke provincies woont een scala van etnische minderheden. De meesten zijn bergbewoners die sinds de vorige eeuw Thailand vanuit het noorden (voornamelijk uit Myanmar en Laos) zijn binnengetrokken. 

Bergvolkeren maken in totaal nog niet één procent van de totale bevolking uit, alhoewel ze heel belangrijk zijn voor Thailand. Ze behoren namelijk tot de grootste 'toeristische attracties' van het land. De vooroordelen over deze volkeren zijn aanzienlijk. Hoewel de koning zich intensief bezig houdt met het verbeteren van het lot van de bergvolkeren, wordt door vele Thai minachtend over hen gedacht. De Akha-stam wordt zelfs i-kars genoemd, wat vrij vertaald 'onbeschaafde slaaf' betekent. In werkelijkheid vormen de bergvolkeren een kwetsbare groep, die vaak bloot staat aan veediefstallen en doordat ze geen Thais staatsburgerschap hebben, gemakkelijk van hun grond verdreven kunnen worden. Onder vele bergstammen is een duidelijke verarming te constateren. De meeste informatie die erover verspreid wordt is summier en betreft vaak uit hun verband gerukte etnische eigenaardigheden, die dienen om de zucht naar het exotische en primitieve van de toerist te behagen.

Ten slotte zijn er nog enkele andere minderheden in Thailand:

Ten eerste zijn dat de moslims in de vier meest zuidelijke provincies. Hun aantal bedraagt ruim één miljoen zielen en cultureel staan ze dichter bij Maleisië dan bij Thailand. In Thailand wonen bovendien nog enkele honderdduizenden Indiërs en Sikhs, waarvan er zich velen in de textielhandel hebben gespecialiseerd. Ze leven voornamelijk in de steden. In het grensgebied met Cambodja zijn enkele streken waar Khmer leven. Ook wonen er Mons in Thailand. De Mon vormden vroeger een aparte staat in het zuiden van Myanmar, maar ook gedeeltes van Thailand behoorden vroeger tot de Mon. Vooral in het oosten van de provincie Kanchanaburi zijn er veel Mons.

Taal

De officiële taal is het Thai, dat de moedertaal is van ongeveer 90% van de bevolking. Binnen de Thaise taal kunnen er vijf dialecten worden onderscheiden:

het 'algemeen beschaafd' Thai (ook wel Siamees genoemd), dat in Centraal-Thailand wordt gesproken;
het Lao-Thai in het noordoosten;
het Kam muang in het noorden;
het Zuid-Thai ("Phasaa Taai") in het zuiden;

en dan nog een sterk afwijkend dialect dat op het schiereiland wordt gesproken. Daarnaast hebben de bergvolkeren hun eigen talen. In het grensgebied met Cambodja wordt hier en daar Khmer gesproken. Het Thai is tonaal, het kent vijf toonhoogten namelijk hoog, middel (op gewone hoogte), laag, dalend en stijgend. In tegenstelling tot wat vroeger wel gedacht werd, is de taal waarschijnlijk niet verwant aan het Chinees. De oorsprong van het Thai is nog grotendeels in nevelen gehuld. 

Het Thaise schrift is volgens Thaise historici in 1283 door koning Ramkhamhaeng ontworpen, dit wordt echter betwijfeld door historici en taaldeskundigen uit andere landen. Het huidige alfabet telt 45 klinkers en 44 medeklinkers.

Landschap

Het noorden van Thailand is uitgebreid bebost met een geheel ander bostype dan de rest van Thailand. Deze bossen worden voornamelijk gevormd door bladverliezende bomen zoals de teakboom. Het noorden heeft ook veel bergen, waar de bergvolkeren hun verblijfplaats vinden. De hoogste berg in Thailand is de Doi Inthanon (2590 m.). In dit gebied lopen vele riviertjes door diepe valleien naar een centraal vruchtbaar gebied.

In het noordoosten bevindt zich het droge en onherbergzame Khorat Plateau dat gemiddeld 250 meter boven zeeniveau ligt. Delen ervan zijn zo onvruchtbaar en ogen zo schraal dat het gebied ook wel de Huilende Vlakte wordt genoemd.

Verder naar het zuiden ligt het rivierengebied. De hoofdstad van Thailand, Bangkok, ligt aan de Chao Phraya-rivier waar die uitmondt in de Golf van Thailand.

Het zuiden van Thailand ligt op het smalle schiereiland Malakka, tussen de Golf en de Andamanse Zee. Dit deel van het land bestaat uit een bergketen die begroeid is met tropische regenwouden. Opmerkelijk hier zijn de kaarsrecht omhoog rijzende kalksteenrotsen. Voor de kust liggen honderden eilandjes, elk met zijn eigen verhaal en zijn eigen geschiedenis.

Festivals en feestdagen

In Thailand worden de volgende grote festivals en feestdagen gehouden:

Chakri-dag, 6 april
Songkran (Thais nieuwjaar), driedaags festival dat het nieuwjaar in Thailand inluidt 13 t/m 15 april
Boeddhistisch nieuwjaar (Theravada), 20 t/m 22 april
Kroningsherdenkingsdag, de dag dat de huidige koning werd gekroond 5 mei
Asalha Puja, 28 juli
Verjaardag van koningin Sirikit, 12 augustus
Pravarana, kathina-dag, 14 oktober
Chulalongkorn dag, 23 oktober
Loy Krathong, laatste volle maan in november
Verjaardag van koning Bhumibol Adulyadej, 5 december
Dag van de constitutie, 10 december 

Bron: WIKIPEDIA